Het perfecte geluid op Stukafest 2011

Afgelopen woensdag deed Stukafest, het jaarlijkse studentenkamerfestival, Nijmegen aan. En Sensor zou Sensor niet zijn als we daar geen kritische, muzikale cultuurredacteur op af zouden sturen. Marcel Klein deed verslag...
Yesterday's Men
Woensdagavond, zomaar een woonkamer in Bottendaal, bij Simone thuis. Het licht is gedimd, de kast ligt vol LP’s – “Die liggen er altijd hoor.” – en de chips staan op tafel. Yesterday’s Men zit klaar om te beginnen met de eerste ronde van Stukafest, een festival vol podiumkunsten in studentenkamers kriskras door de stad. Achterin zit een groepje meisjes knus op een oude bank, terwijl voorin de mensen languit op grote kussens liggen.
Geen zeemanskoor
De band kondigt aan te beginnen en het wordt muisstil in de volle woonkamer. Alleen het tikken van de klok is nog hoorbaar. Dan klinken prachtige pianoklanken door de huiskamer. Maar daar blijft het niet bij. Yesterday’s Men haalt alles uit de kast om het perfecte geluid te creëren: blaasorgels, xylofoons en zelfs een trompet die langzaam onder water verdwijnt. Als de band aangeeft aan het laatste nummer te beginnen vragen ze het publiek mee te zingen. De tekst is niet moeilijk, een echt zeemanskoor wordt het echter niet.
Grote woonkamer
Als het slotakkoord geklonken heeft, lijken Simone en haar huisgenoten tevreden. ‘We wilden ons altijd al een keer aanmelden voor Stukafest. Met zo’n grote woonkamer moet je wel meedoen toch?’ De lege bierflesjes en bekers worden verzameld. Het publiek maakt zich ondertussen klaar om te vertrekken. Op naar ronde 2!
(Marcel Klein)
Yesterday's Men, gezien op Stukafest, woensdag 16 februari, Nijmegen


